Lessen uit India

4 min leestijd

Hoewel ik nog steeds zit te kauwen op alles wat ik heb meegemaakt, gezien en geroken in India, zijn er so-wie-so een aantal lessen die ik mee zal nemen. Er zullen er vast nog meer zijn, vul me gerust aan zou ik zeggen:

  1. Kinderen zijn het belangrijkste!
    Dat was voor Jezus al zo, maar dat is in alle projecten die ik heb gezien ook zo. Waarom organiseren kerken in Nederland kinderen dan vaak weg in de meest letterlijke zin van het woord? Als de ouderen maar een goede dienst hebben is denk ik het devies. Kinderen eerst, dat is de les. Maar hoe kan dat handen en voeten worden gegeven in onze omgeving?
  2. Aandacht voor het zwakste.
    De kinderen die in de projecten zijn zijn werkelijk de allerarmsten. De confrontatie met deze extreme armoede heeft mijn ziel geraakt. Kinderen die opgroeien tussen de graven, ons sponsorkind die iedere dag buiten slaapt op een plank, Deep die door zijn ouders in de steek is gelaten omdat hij ziek is. Zij krijgen een nieuwe kans. En met hen vaak de familie erbij.
  3. Armoede zit tussen de oren.
    ‘Dat is niet waar’, zal je zeggen. En toch, dit is een uitspraak van iemand die in armoede is opgegroeid. Met gelatenheid wordt de situatie aanvaard. Met daarbij een idee dat het toch nooit beter kan worden. De armoede binnenin de mens moet worden opgelost zodat ook de andere armoede kan worden opgelost.
  4. Armoede is een vloek.
    Dat veel mensen hun lot van armoede aanvaarden is bijna schokkend. God wil het zo, dus moet je het ook niet veranderen. Dat is trouwens de overtuiging van Hindoes in het extreem, maar ook moslims zien de situatie als door God gewild. Maar de armoede komt doordat Gods principes niet worden gehanteerd. In Gods denken is er geen armoede, maar zorg. Dat hoort bij het Koninkrijk van God, het koninkrijk van gerechtigheid. Eerlijkheid, geen uitbuiting. In Jezus’ Naam moet de vloek worden opgeheven.
  5. Begin bij één.
    Het is overweldigend om de grote schaal van armoede te zien. Armoede hoort bij het meubilair. Op een gegeven moment zie je het gewoon niet meer. Ik denk dat ik ook een heel ander India heb gezien als veel mensen die naar India gaan als toerist. De gedachte dat het onbegonnen werk is om al die mensen te helpen kan je lamleggen. Moeder Teresa zei het simpel: kan je er geen honderd helpen, begin er dan met één. Dat doen we dan maar.
  6. Zij kunnen het zelf.
    Je krijgt overal de neiging om de portemonnaie te trekken en het eens even te regelen. Vaak is die houding de doodsteek voor het breekbaar opgebouwde werk ter plaatse. Alsof ik weet wat nodig is. De concrete ondersteuning aan gezinnen zijn erop gericht dat zij zelf het probleem kunnen oplossen. Dus niet even een zak geld geven, maar iets in handen (een riksja, een verkoopkar, of iets dergelijks in de Indiase situatie) waarmee ze zelf hun probleem kunnen oplossen.
  7. God voorziet.
    Je kent de discussie rondom ‘welvaart evangelie’? Vaak krijg ik reactie op de boodschap van Gods zorg en voorziening dat er toch zoveel armoede in de wereld is en dat het niet zo simpel is. Maar luister maar eens naar de mensen zelf. Zij hebben niets anders dan op God te vertrouwen. En deze God heeft ze nog nooit beschaamd. Het is beschamend hoe moeilijk wij soms doen over God die zorgt en voorziet.
  8. Jezus geneest.
    Wie anders, zouden ze daar zeggen. Vaak is het ziekenhuis nog onbetaalbaar ook. Het vertrouwen is in Jezus alleen. Ik heb nog nooit in zo’n korte tijd zoveel getuigenissen gehoord van genezing. Geloof me, het is geen sprookje. En ook niet een of ander hoofdpijntje dat opeens weg is. ‘Deze God werkt’ is de ervaring. Al die andere goden vragen van alles maar werken niets uit. Jezus heeft mij genezen, dat is een krachtig getuigenis. Het is trouwens ook beschamend hoe gek wij het hier blijkbaar vinden om onze hulp als eerste te verwachten van Jezus onze redder. Hij bungelt vaak ergens achteraan en komt in zicht als de dokters niets meer kunnen. Ik zeg: Jezus eerst!
Heb je nog meer aanvullingen? Heel graag! Want ik wil erg graag leren.