Skip to content
Offerlam

Ik ben geen goedgelovige Thomas

3 min leestijd

Ik heb dit verhaal verteld tijdens “Thank God it’s Pasen” in Enschede op 2e Pasen 2014. Dit is het eerste deel. Lees ook het tweede deel »

Offerlam

Ik ben Judas Thomas Didymus. De meesten noemen mij Thomas. Ja, de ongelovige. Maar het zit anders. Ik ben gewoon niet zo goedgelovig. Ik loop niet met de massa’s mee. Ben niet zo happy clappy en te vaak heb ik over wonderlijke dingen gehoord die vooral gebakken lucht bleken te zijn.

Als er één wonderen kon doen dan was Jezus het. Zelf hebben we ook wonderen gedaan. Met meer en minder succes. Soms leek het gewoon als vanzelf te gaan. Dat was vooral in het begin. Alles was nog nieuw toen we erop uit moesten gaan om dezelfde dingen als Jezus te gaan doen. En dat kon, het werkte gewoon!! We genazen mensen. Dreven geesten uit.

Maar later lukte het weer niet. Juist toen we langer op weg waren. Juist toen we ‘ervaring’ hadden opgedaan. Gek eigenlijk. Maar je komt er wel achter dat er veel lariekoek tussen al die wonderen zit.

Nee… ik ben niet goedgelovig. Maar één iemand vertrouwde ik wel helemaal. Dat was mijn leraar. Hij was de enige die me kon overtuigen. Ik had iets met hem. En hij met mij blijkbaar.

Maar dat is nu allemaal voorbij. Ze zagen Hem als een revolutionair. Hij zou zomaar een volksoploop kunnen veroorzaken. En daar zijn de Romeinen bang voor. En zij niet alleen trouwens, ook de Joodse leiders hadden grote moeite met Jezus. Jezus hoefde van zijn boodschap niet beter te worden, iets aan te verdienen, macht uit te oefenen. En in dat spel waren de Joodse leiders nu juist weer wel meester.

Met een ongelofelijke haat hebben ze Hem gearresteerd, gemarteld en gekruisigd.

Kan je voorstellen hoe ik me de afgelopen dagen voel? Waar heb ik eigenlijk in geloofd? Was het het allemaal wel waard?

En dan komen mijn vrienden en die vrouwen uit ons gezelschap die zomaar geloven dat Jezus weer leeft. Het spijt me om te zeggen, maar er zitten toch echt een paar zwakke zielen tussen. Die moet je niet zomaar geloven. Weet je wat ze zeggen? Dat ze Jezus hebben gezien.

Jaja, dat zal wel.

Wie maakt ze duidelijk dat ze werkelijk gek zijn geworden? Is er niemand meer die er echt nadenkt? Verdriet doet iets met de mens, ook met mij. Maar ga je niet voorstellen dat een dood gemartelde Jezus er weer zou zijn. Ze zullen met iets beters moeten komen wil ik dit ook geloven.

Ik ben dan misschien blind. Of zij zijn het. Maar laat mij dan maar blind zijn. Dan wil ik Jezus in ieder geval op de tast kunnen vinden. Laat mijn vingers het dan maar voelen. In ieder geval de wonden in zijn handen en in zijn zij.

Ik ben in ieder geval niet goedgelovig.

 Lees ook het tweede deel »

Scroll To Top